Geschiedenis
Het concept ontstond in de jaren 1945–1949, toen Sommaruga in Londen een kunststof‑altsaxofoon patenteerde en een prototype bouwde. Vanaf circa 1950 startte de seriematige productie: Grafton maakte uitsluitend altsaxofoons, omdat grotere modellen met de toenmalige kunststoftechniek niet haalbaar waren. De body en beker waren gegoten uit acryl (PMMA), met messing kleppen en een eigenzinnige mechaniek. Het instrument werd in advertenties gepositioneerd als een betaalbaar alternatief voor traditionele messingsaxen (circa de helft van de prijs). Ondanks een klank die dichter bij een conventionele altsax lag dan vaak gedacht, kreeg de Grafton een reputatie van kwetsbaarheid (barst‑ en breukgevoelig, lastig te repareren) en ‘spongy’ actie. Bekende spelers hielpen de naamsbekendheid: John Dankworth speelde er vroeg op (Festival of Britain, 1951), Charlie Parker gebruikte een geleend exemplaar tijdens het concert in Massey Hall (1953), en Ornette Coleman koos in 1954 voor een Grafton omdat die het goedkoopst was; zijn ‘plastic horn’ werd een visueel icoon van zijn vroege jaren. De commerciële productie liep ongeveer een decennium; in 1967 werden nog enkele instrumenten uit restonderdelen geassembleerd en in 1968 zouden mallen/gereedschap zijn vernietigd. Bekende serienummers lopen tot ruim boven 13.000. Tegenwoordig zijn Graftons schaars, museaal interessant en geliefd bij verzamelaars vanwege hun unieke plaats in de saxofoongeschiedenis.
Modellen saxofoon
Grafton Alto (PMMA)
Injectie‑gegoten acryl (PMMA) altsaxofoon met metalen kleppen; iconisch ‘ivory & gold’-uiterlijk.
- Stemming: Eb (altsaxofoon)
- Materiaal: acryl (PMMA) body/beker; keywork van messing
- Bekende spelers: Charlie Parker (Massey Hall, 1953), Ornette Coleman (vanaf 1954), John Dankworth (1951)
- Bijzonder: goedkoper dan messing saxen, maar fragiel/lastig te repareren
Grafton Alto (Dallas & Sons‑distributie)
Productie in Londen; distributie/licentie via John E. Dallas & Sons (Bexleyheath).
- Stemming: Eb
- Materiaal: acryl (PMMA) body/beker; keywork van messing
- Distributie: John E. Dallas & Sons (UK), midden jaren 1950
- Spelerskoppeling: Ornette Coleman (zijn ‘plastic horn’ werd een visueel icoon)
Grafton Alto (late assembly uit restonderdelen)
Kleine batch uit resterende onderdelen na het stoppen van de commerciële productie; mallen vernietigd in 1968.
- Uiterst zeldzaam; eindfase van het project
- Technisch identiek concept (PMMA + messing keywork)
- Na 1968 geen verdere productie
